Maandag 21 mei 2018

Kort na het einde van de vespers overleed onze medebroeder Vic Jozef Weyten in het Gemeenschapshuis Sint-Camillus in Antwerpen.

Loenhout lag er bij de aanvang van het nieuwe jaar 1938 nog vredig bij, wanneer op 2 januari in het gezin van Jozef Weyten en Anna Vergauwen een zoontje werd geboren. De dag nadien werd hij gedoopt als Jozef Adriaan in de parochiekerk van Sint-Petrus en Sint-Paulus. Op de boerderij in ‘Papendonck’ groeide Jos op, samen met zijn jongere zus Maria. Voor WO II ademde het plattelandsleven in de Kempen op het ritme van werk en kerk. Mensen leefden dicht bij elkaar en het gezinsleven was helemaal doordrongen van het kerkelijk en christelijk leven. Dat was bij de familie Weyten niet anders. Ook het kloosterleven was er niet onbekend, want een broer van moeder was broeder trappist in de abdij van Westmalle.

Met Lichtmis 1956 begon de nog jonge Jos Weyten zijn postulaat in de norbertijnen-abdij van Tongerlo en werd er op 12 augustus van hetzelfde jaar ingekleed door prelaat J. Boel en kreeg de kloosternaam Victor. Op het feest van Sint-Augustinus 1958 sprak broeder Vic zijn geloften uit en leefde hij in ononderbroken trouw aan zijn professie in het hart van onze gemeenschap. Tot 1 april 1993 was hij werkzaam op de hoeve, eerst op de oude hoeve binnen de muren en vanaf 1976 op de nieuwe hoeve in de Torendreef. Als in 1993 het landbouwbedrijf werd doorgegeven aan jonge landbouwers kwam hij terug inwonen in het convent. Hij zei:”dat wie altijd voor de kalfjes heeft gezorgd ook wel met confraters zal kunnen omgaan”. Broeder Vic was een zachte mens. Nooit kwaad, hoogstens eens verontwaardigd. Iedereen vond bij hem een luisterend oor en een bemoedigend woord. Met weinig woorden wist confrater Vic door het leven te gaan, niet overhaast of gejaagd, maar met des te groter nabijheid voor confraters en medemensen. Hij was een grote vriend van O.-L.-Heer en met dagelijkse trouw bad hij zijn rozenkrans om Maria te eren en voor vele mensen te bidden. Na het intense werk op de abdijhoeve kwam er meer tijd vrij om als vrijwilliger mee op bedevaart te gaan naar Beauraing of met CM-ziekenzorg anderen een deugddoende vakantie te bezorgen. Het was hem een vreugde en het gaf hem diepe voldoening als kloosterling om anderen van dienst te kunnen zijn.

“Niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen” was broeder Vic zijn leven. Bij huishoudelijke karweien was hij trouw op post, rustig, behulpzaam en alleen opvallend door een schalkse opmerking of een woord van ondervinding of een wijze raadgeving. Ook vele zieke confraters in huis mochten rekenen op zijn gedienstigheid en broederlijke genegenheid. De vogels in de Engelse tuin waren zijn hobby en hij liet iedere wandelende confrater meegenieten van de kleurenpracht van kanaries en parkieten.

Bij de verhuis naar zijn vernieuwde conventskamer in 2013 schreef hij op een briefje: ”na 14 jaar is mijn matras versleten en ik weet niet wie er vervangen moet worden, de matras of ikzelf”. Zijn krachten verminderden steevast, zichtbaar en voelbaar, maar hij verminderde niet in broederlijke nabijheid, stil werk, trouw koorgebed en nog een extra rozenkrans.

Een geslaagde heupoperatie in het najaar van 2014 beloofde veel goeds. Het werd echter een lange rit van 9 weken kliniek en revalidatie. Broeder Vic zei: “ik ben, in meer dan 59 jaar kloosterleven, nog nooit zolang uit de abdij weg geweest”. Terug in Tongerlo hernam hij getrouw zijn dagelijks leven, tijdig uit de veren, bidden, allerlei werkjes, moeiteloos vriendelijk zijn voor velen.

Op 21 februari 2015 werd hij in het vroege morgenuur getroffen door een hersenbloeding. In kritieke toestand ontving hij de ziekenzalving op zondagavond 22 februari. Heel langzaam herstelde confrater Vic, beperkt door een eenzijdige verlamming en een moeizaam spreken. Hij vond vanaf 11 mei 2015 een verzorgend onderkomen in het Gemeenschapshuis Sint-Camillus bij de gasthuiszusters van Antwerpen. Hij herwon wat van zijn schalksheid in zijn ogen en in zijn woorden. Hoe vaak zei hij moeizaam maar helder en bewust: “Wat zal er nog met mij gebeuren, wanneer komt mijn beurt om te gaan?”. Het is een lange weg geworden van grote afhankelijkheid en overgave. Zijn geliefde nichtjes hebben nonkel Jos met genegenheid omringd. Op 21 mei 2018 heeft broeder Vic ons stilletjes en onverwacht verlaten om zijn intrek te nemen in het Vaderhuis.

Tussen de dossiers van confraters behoort dat van broeder Vic tot het dunste, enkele heel gewone aantekeningen, niets speciaals, niets buitengewoon, niets de moeite waard voor de wereld om hier op aarde te worden opgeschreven. Dat kan een goed teken zijn om zonder veel woorden en veel uitleg, maar met vele gaven voor de Heer te verschijnen. “Aan kleinen en eenvoudigen heeft de Heer de dingen van zijn koninkrijk geopenbaard”. Rijkbeladen met schoven, met de oogst van zijn schoon Godgewijd leven mocht broeder Vic nu binnen gaan in de vreugde van zijn Heer.

Op vrijdag 25 mei, om 11.00 u, zullen wij in de abdijkerk de uitvaartliturgie vieren en confrater Vic Jos Weyten in broederlijke genegenheid en in het geloof op het eeuwig leven en de verrijzenis ten grave dragen op het abdijkerkhof.