Het sacrament van de eucharistie

In deze catechese staan we stil bij het sacrament van de eucharistie. Dit sacrament is immers de bron en het hoogtepunt van het kerkelijk leven. Het is het grootste geschenk dat de Heer Jezus aan zijn Kerk heeft gegeven! Zo eenvoudig, en toch zo rijk! Het is hét sacrament bij uitstek om Jezus Christus en zijn Kerk beter te leren kennen.

De eucharistie en haar velen namen.

De eucharistie is een zeer rijk sacrament en die rijkdom vindt reeds zijn uitdrukking in de vele benamingen die eraan gegeven worden. Elke benaming drukt een wezenlijk aspect uit van de eucharistie.

Heilige eucharistie

Het woord ‘eucharistie’ komt uit het Grieks. De woorden eucharistein (Lc 22,19; 1Kor 11,24) en eulogein (Mt 26,26; Mc 14,22) betekenen ‘dankzeggen’ aan God de Vader voor de schepping, de heiliging van het leven en de verlossing in Christus.

De heilige eucharistie is daarom een lofoffer, de grote dankzegging van de Kerk aan God de Vader voor het heil in zijn Zoon Jezus Christus. De eucharistie is daarom één groot moment van dankzeggen. De woorden van dank vinden we vooral terug in het grote dankgebed dat de priester aan het altaar uitspreekt en waarvan de consecratie het centrale kernpunt vormt.

schilderij_laatste_avondmaal_LR (01)

Maaltijd des Heren.

Deze benaming herinnert vooral aan het samenzijn van Jezus met zijn leerlingen aan de vooravond van zijn lijden en dood. Het was bij gelegenheid van het jaarlijkse joodse paasmaal. Het unieke en misschien op het eerste zicht bevreemdende was dat Jezus deze maaltijd betrok op zijn eigen persoon en zijn eigen lijden en dood. Want tijdens de maaltijd stond Jezus op, nam een stuk brood in z’n handen, dankte God de Vader, brak het brood en het deelde het uit aan zijn leerlingen terwijl Hij zei: “Neemt en eet hiervan gij allen, want dit is Mijn Lichaam dat voor u gebroken wordt.” Zo ook nam Hij na de maaltijd ook de beker met wijn, en zei: “Neem en drink hiervan gij allen, want dit is de beker van het Nieuwe Verbond, dit is Mijn bloed dat voor u vergoten wordt. Blijf dit doen om Mij te gedenken.”

Met deze woorden zag Jezus reeds vooruit naar de toekomst:
Eerst en vooral naar wat er in de uren op deze maaltijd volgde: het verraad van Judas, de bespotting, de geseling, de lijdensweg en uiteindelijk de kruisdood op Goede Vrijdag. Zijn Lichaam werd daar op het kruis gebroken en Zijn bloed werd er vergoten!

judas_iskariot_LR (01)

Vervolgens keek Jezus ook vooruit naar de tijd na zijn lijden, dood en verrijzenis, naar de geboorte van de Kerk. Hiermee kregen de leerlingen de opdracht: “Blijf dit doen om Mij te gedenken”, welke zij na Jezus’ verrijzenis trouw hebben doorgegeven aan de kerkgemeesnchappen die ontstonden rond de apostelen. Tot op vandaag horen wij diezelfde woorden tijdens de heilige eucharistie in de Kerk.

jeruzalem_hemels_LR (02)

Ten slotte dacht Jezus hier ook reeds aan het bruilofstmaal van het Lam waarover we lezen in Apokalyps 19,9: de maaltijd waaraan allen die in Christus geloven zullen aanzitten in het hemelse Jruzalem. Al lachend zeggen mensen soms dat er in de hemel rijstpap met gouden lepeltjes eten zal zijn. Dit beeld wil uitdrukken dat er in de hemel voor de gelovigen een eeuwig bruiloftsmaal voor ons staat te wachten. (lees in de Bijbel: Mt 22,1-14; Lc 14, 15-24; Apk 19,9).

eucharistie_LR (08b)

Breken van het Brood

Toen Jezus het brood zegende, God ervoor dankte, het brak en uitdeelde gaf de Heer z’n leerlingen mee dat Hij voortaan in deze tekenen van brood en wijn herkenbaar zou zijn en in hun midden tegenwoordig zou komen. Niet alleen in een vrome herinnering aan Jezus, maar werkelijk onder de gedaante van brood en wijn.

De Heer Jezus heeft tijdens het Laatste Avondmaal niet gezegd: “Neem, eet hiervan want dit is mijn brood!” Neen, Hij heeft gezegd:

“Neem en eet hiervan gij allen want dit is nu Mijn Lichaam”, en zo ook nadien bij de beker met wijn.

Aan deze tekenen zouden de leerlingen Hem na de verrijzenis herkennen. Dat lezen we heel mooi in het evangelie van Lucas in zijn relaas over de leerlingen van Emmaüs:

eucharistie_LR (14)
“Toen ze bij het dorp [Emmaus] kwamen waar ze moesten zijn, deed Hij alsof Hij verder wilde gaan.

Maar met aandrang vroegen ze: ‘Blijf bij ons, want het is bijna avond en de dag loopt al ten einde.’

Toen ging Hij mee naar binnen om bij hen te blijven.

Eenmaal met hen aan tafel nam Hij het brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het hun.
Nu gingen hun de ogen open en ze herkenden Hem, maar meteen was Hij uit hun gezicht verdwenen.”
(Lc 24, 28-31)

De leerlingen herkenden Jezus in deze tekenen en zo vierden zij de eucharistie. In het Nieuwe Testament sprak men nog niet van “we gaan naar de mis”, maar “het breken van het brood” (Hnd 2,42.46; 20,7.11)

emmaus_LR (01)

Heilig offer

Het sacrament van de eucharistie gedenkt niet alleen wat er zich 2000 jaar geleden heeft afgespeeld in Jeruzalem, maar het stelt het levensoffer van Jezus aan het kruis ook in het heden tegenwoordig.
Op het kruis heeft Hij het offer van z’n leven gebracht om de mensheid met God te verzoenen. Dit offer van liefde, waarmee wij uit d emacht van dood en zonde werden bevrijd, gedenken wij in elke eucharistie en stellen het opnieuw tegenwoordig.

Bij het offer van Christus voegen wij ook het offer van de Kerk toe, ons eigen persoonlijk offer. Zo brengen wij in voorbereiding van het grote dankgebed niet enkel de offergaven van brood en wijnaan, maar leggen wij ook al onze eigen offers die wij aan God willen opdragen mee in de schaal.

eucharistie_LR (15)

Communie

Door het heilig sacrament van de eucharistie verenigen de gelovigen zich met Christus, die ons deelachtig maakt aan zijn Lichaam en Bloed om samen met Hem één enkel lichaam te vormen. Deze vereniging heeft plaats op het einde van de eucharistieviering, tijdens de H. Communie, door het nuttigen van het heilig Lichaam en Bloed van Christus.

Heilige Mis

Ook dit is een benaming voor de eucharistie dat verwijst naar het einde ervan.

Elke eucharistie eindigt immers met de uitzending van de gelovigen zoals Jezus zelf ook zo vaak zijn leerlingen heeft uitgezonden. Elkeen ontvangt zijn zending, zijn missio, opdat elkeen in het dagelijks leven de wil van God zou volbrengen.

02 Oct 2005, VATICAN CITY, Vatican --- Pope Benedict XVI gives the communion to a nun during a solemn mass in Saint Peter's Basilica at the Vatican for the opening of the synod of the bishops October 2, 2005. Pope Benedict opening the first major Church meeting since his election, said on Sunday that trying to keep God out of public life was "not tolerance but hypocrisy." The Pope also said that too many Catholic lives could be compared to "vinegar rather than wine" because of the indifference to God.     --- Image by © MAX ROSSI/Reuters/Corbis

Doe dit tot Mijn gedachtenis: vieren in gemeenschap.

Zoals de eerste leerlingen op de avond van Pasen bijeen zijn gekomen en dit week na week zijn blijven doen, zo is het nu aan ons om op zondag nog steeds samen te komen om dit heilig paasmysterie te vieren.

Het is een zaak van de hele geloofsgemeenschap die door hun aanwezigheid, hun gebed en het beluisteren van Gods Woord daadwerkelijk deelnemen aan dit heilig geheim. De bisschop of de priester voltrekt dit mysterie aan het altaar in naam van de geloofsgemeenschap, hij handelt in de naam van de Kerk en in de persoon van Christus als hij het evangeliewoord uitspreekt, de woorden uitspreekt van Jezus tijdens het laatste avondmaal.

Elke geloofsgemeenschap (parochie of klooster) viert het Christusmysterie, maar het is geen zelfstandige onderneming waarin elke gemeenschap haar eigen ding doet.

Elke geloofsgemeenschap staat in communio met de bisschop van haar bisdom, met de wereldkerk, met de bisschop van Rome.

De geloofseenheid komt wereldwijd tot uitdrukking in het uitzeggen van dezelfde geloofsbelijdenis, in het bidden voor de noden van de Kerk en de wereld, en vooral in het Grote Dankgebed wanneer er wordt gebeden voor de eigen bisschop, alle andere bisschoppen, alle gelovigen en voor de bisschop van Rome, paus Benedictus XVI. De paus immers is het zichtbare fundament van de eenheid in de Kerk.

Op zondag naar de kerk: zondagsplicht of noodzaak van liefde?

In de Kerk brandt de lamp: letterlijk en figuurlijk! De Godslamp bij het tabernakel wat aanduidt dat Christus aanwezig is in zijn heilig sacrament. De eredienst voor God op zondag of andere dagen kan uw innerlijk leven verlichten. Het geeft je troost in kwade dagen, Christus geeft je hoop in zijn Woord en Sacrament. Puur menselijk gezien geeft het je een innerlijke blijdschap en een innerlijke rust omdat je dan helemaal doet waarvoor God je geschapen heeft. De mens is geschapen om een gezin te stichten, om te arbeiden en brood te verdienen, om te rusten na het werk, maar ook om God te eren! Wie dit laatste veronachtzaamt slaat iets essentieels over in het leven van de mens.

TV-kijkend Vlaanderen kijkt uren per week naar de televisie, neergezeten in ‘aanbidding’ voor de buis. Het liefst van al mag er niet teveel worden gezegd want dat verstoord de tv-liturgie. Dit staat in fel contrast met de lege plaatsen in de kerk op zondag en met het lawaai dat ijverige toeristen in de kerk maken.

Vele katholiek gedoopten in ons land slapen liever uit op zondag of gaan sporten zoals nooit tevoren. Het is goed om op zondag rust in te bouwen, je eigen lichaam te verzorgen maar één ding is essentieel: naar de kerk gaan om God de lof en eer te brengen die Hem toekomt. Om zorg te dragen voor je hele persoon: innerlijk als uiterlijk. Om Christus de eer te brengen die Hem toekomt.

De Eucharistie is het grootste geschenk aan de Kerk: Christus zelf schenkt zich vandaag weg omwille van u en mij. Eén uur per week werd de voorbije jaren ervaren als zondagsplicht … maar wanneer we het voorgaande over de eucharistie goed in ons laten doordringen wordt het ter kerke gaan dan geen noodzaak uit liefde in plaats van een zondagsplicht?

godslamp_LR (01)
Zijn wij het niet verschuldigd aan God? Hij heeft immers zijn eigen Zoon geen enkel leed bespaard! Hij heeft de kelk van het lijden tot op de bodem geledigd. Één uur per week is niets voor een mens in vergelijking met wat Christus voor ons geleden heeft.

En toch, dat ene uur per week maakt wel degelijk het verschil. Je zal het merken wanneer je er eenmaal mee begint. Begin eraan, hou vol, spreek er met je biechtvader of geestelijke begeleider over. Want weet dat je in de Kerk niet alleen staat!

Geloven in Christus is geen eenzame bedoening tussen u en de Heer. De Kerk die de Heer gewild heeft staat borg voor uw heil!     Paus
Benedictus XVI had het als zijn motto in september 2006 tijdens zijn apostolische reis in Duitsland : Wer glaubt is nie allein, du Herr wirdst mit uns sein! Wie gelooft is niet alleen, Gij, Christus zult met ons zijn: in uw Woord en uw Sacrament, in de gemeenschap van de Kerk, in het ambt van de priester, in het leven van alle gelovigen!
Heer Jezus, dank u wel!

eucharistie_LR (10)