De ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk

Hoe goed kennen we onze geloofsbelijdenis? En verstaan we ook wel wat er in gezegd wordt? Toch is de geloofsbelijdenis fundamenteel want ze bevat de basiselementen van ons geloof. Een van de ‘artikelen’ van de geloofsbelijdenis gaat over de Kerk: ik geloof in de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk. In deze catechese belichten we wat dit geloof in de Kerk wel betekent.

De geloofsbelijdenis

Misschien denk je wel: ‘Heb ik wel een geloofsbelijdenis nodig?’ Kan het niet voldoende zijn als ik zeg ‘Ik geloof in God’, of ‘ik geloof in Jezus’, of nog: ‘ik geloof in het Evangelie’? Ik heb niet méér nodig dan dat om te kunnen zeggen dat ik christen ben. En als daar nog iets bij komt dan maak ik zelf wel uit wat.

Ergens is dat wel juist. Jezus vroeg aan de mensen die Hij tegenkwam ook niet de 12 artikelen van het geloof. De mensen, de zieken en zondaars, zeiden eenvoudigweg: ‘Ik geloof’. en voor Jezus was dat voldoende om hen te vergeven en naar lichaam en geest te genezen.

Voor Jezus was het voldoende. Maar is het ook werkbaar voor ons? Plaats enkele mensen bij elkaar om te spreken over het Evangelie of het geloof en al gauw kom je in discussies terecht en duiken er meningsverschillen op.

credo_LR (01)
Dat was zeker ook de ervaring van de eerste christenen. Ook zei voerden onderling discussies en daarvan merken we zelfs nog de sporen in het Nieuwe Testament zelf. Waren Petrus en Paulus het dan overalles zo roerend eens? Lagen de christenen uit het jodendom niet in conflict met de christenen uit het heidendom omtrent het onderhouden van de wet van Mozes en de besnijdenis (Hand. 15,1-5). En we lezen ook over grondige meningsverschillen over de verrijzenis van de doden binnen de kekr van Korintië (1 Kor 15,1-58).
Verschil van inzicht en opvatting bestond er ook in de eeuwen nadien. Er doken allerlei bewegingen en groeperingen op die omtrent het geloof eigen theoriën begonnen te ontwikkelen die afwijkend waren van wat de traditie leerde. Er ontstond verdeeldheid in de Kerk.

Zodoende groeide er in de loop van de tweede en de derde eeuw steeds meer de nood om de belangrijkste zaken van wat de geloofstraditie leerde eens op schrift te zetten. Want er kan maar één waarheid zijn over God, Jezus en het geloof.

Een mijlpaal in dit proces is het concilie van Nicea (325) en van Constantinopel (381) geweest. De concilievaders formuleerden er de basisbeginselen van ons geloof en verwierpen afwijkende standpunten.

Zo kwam de geloofsbelijdenis tot stand die we tot op heden nog in onze liturgie gebruiken. Een van de ‘artikelen’ ervan handelt over de Kerk: ik geloof in de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk. Wat bedoelde zij daar mee?

concilie_chalcedon_LR (01)

De ene Kerk.

De Kerk is één. Dat wil zeggen dat de Kerk enkelvoudig is en niet meervoudig. er kunnen niet meerdere Kerken zijn. Er is immers één God en één Heer Jezus Christus. Er is tevens maar één geloof.

Daarom kan er ook maar één Kerk zijn. Want de Kerk is immers het lichaam van Christus waarvan Hij het hoofd is (Ef 1,23-24). Kan Christus het hoofd zijn van meerdere lichamen? Natuurlijk niet! Er kan dus maar één lichaam (de Kerk) zijn en één hoofd (Christus).

De ene Kerk is zoals de lijfrok van Jezus die uit één geheel geweven was en niet verscheurd mag worden. (Joh 19,23-24). Wie de Kerk verscheurt, die verscheurt ook Christus.
De eenheid van de Kerk komt tot uiting in het herderschap van de bisschop van Rome, de paus, over de gehele Kerk. Hij is immers de opvolger van Petrus tot wie Christus had gezegd: ‘Gij zijt Petrus en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen’ (Mt 16,18). En bij Johannes horen Jezus tot Petrus zeggen: ‘Weid mijn lammeren, hoed mijn schapen’ (Joh 19, 16-17).

kerk_lichaam_LR (01)

‘Gij zijt Petrus en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen’ (Mt 16,18). Tu es Petrus …. We lezen het in metershoge letters in de koepel van de Sint-Pietersbasiliek te Rome.

Wat Jezus hier tot Petrus heeft gezegd is zelfs op een zeer letterlijke wijze werkelijkheid geworden. De eerste basiliek werd in 324 door keizer Constantijn opgetrokken boven het graf van de apostel Petrus die vlakbij in het circus van Nero was terechtgesteld.
In de zestiende eeuw kwam de huidige basiliek in de plaats, maar nog steeds staat het altaar van de basiliek loodrecht boven Petrus’ graf.

tu_es_petrus LR (1)

De heilige Kerk.

De Kerk heilig? Laat me niet lachen. Heeft zowel haar verre en recente geschiedenis niet aangetoond dat de Kerk helemaal niet heilig is en net zo goed als andere instellingen vatbaar is voor verderf, immoraliteit, hypocrisie, corruptie?

De Kerk is zeker een menselijke werkelijkheid. Ze bestaat uit mensen, zoals jij en ik, die beperkt zijn en hun fouten en tekorten kennen.

Maar de heiligheid van de Kerk is niet gefundeerd op een morele zuiverheid of op de volmaaktheid van een ethische levenswandel. Heiligheid is niet het gevolg van moraliteit. De moraliteit behoort veeleer het gevolg te zijn van de heiligheid!

kerk_geboorte_LR (01)
De geboorte van de Kerk uit Christus’ zijde.

kerk_bruid_LR (01)
De Kerk als zuivere Bruid van Christus.(Ef. 5,27)

De Kerk is eerst en vooral heilig door haar band met Christus en door de aanweizgheid van Christus in zijn Kerk. We zeiden het al: de Kerk en Christus vormen samen één lichaam waarvan Christus het hoofd is. Het is die verbondenheid van het Hoofd met het lichaam dat de hele Kerk heilig maakt.

De Kerk is ook heilig omdat de heilige Geest aanwezig is en werkzaam is in en door de Kerk.

Aan de christenen van Efeze schreef Paulus: “Zo zijt gij dus geen vreemdelingen en ontheemden meer, maar medeburgers van de heiligen en huisgenoten van God, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, terwijl de sluitsteen Christus Jezus zelf is, die het hele bouwwerk in zijn voegen houdt. In Hem groeit het uit tot een heilige tempel in de Heer. In Hem wordt ook gij mee opgebouwd tot een woonstede van God, in de Geest” (Ef 2,19-22).

Maar wat Paulus zegt van de Kerk in haar geheel kan ook gezegd worden van elke gelovige afzonderlijk. Is immers niet élke gelovige door het doopsel met Christus verbonden en door de instorting van de heilige Geest geheiligd?

Daarom dat we geregeld kunnen merken hoe in het Nieuwe Testament de christenen elkaar ‘heiligen’ noemen. Daarom kan Paulus zeggen dat de Kerk een Kerk van heiligen is, een heilige gemeenschap.

Leeswijzer: Hand. 9,13; 20,32; Rom 1,7; 12,13; 1 Kor 6,1; 14,33; 16,1; 2 Kor 8,4.

doopsel_LR (15)

De katholieke Kerk.

‘Katholiek’ is in oorsprong een Grieks woord dat ‘over het geheel verspreid’ betekent. Universeel verspreid zouden we vandaag de dag zeggen. Het is dus eerder een geografisch principe waarmee aangeduid wordt dat de éne overal aanwezig is. Daarom spreken we beter van de Kerk ‘in’ eerder dan van de Kerk ‘van’. Zo is het juist te zeggen de Kerk ‘in’ Vlaanderen dan de Kerk ‘van’ Vlaanderen. Nationale of volkskundige grenzen kunnen de Kerk niet verdelen. Het blijft altijd die éne Kerk, maar wel een Kerk die zich overal ter wereld heeft ingeplant.

paulus_reizen (01)

Door zijn vele reizen verspreidde de apostel Paulus het geloof over een groot deel van de toenmalig gekende wereld.

De katholiciteit of universaliteit van de Kerk houdt niet alleen in dat het geloof van de Kerk overal verspreid is, maar betekent vooral dat men overal hetzelfde geloof aantreft. Of het nu de oude kerken van Europa zijn, of de jonge kerken in de ontwikelingslanden, overal treft met één en hetzelfde katholieke geloof aan. En dat is een soort garantiebewijs: als ik merk dat mijn geloof overeenstet met hetgeloof van de wereldkerk, dan kan ik er van op aan dat ik me op het juiste spoor bevindt en het rechte geloof aanhang.

De apostolische Kerk.

De Kerk valt niet uit de lucht maar staat geworteld in een traditie. Die traditie vindt zijn oorsprong bij Jezus zelf die aan zijn apostelen de opdracht gegeven heeft zijn zending op aarde verder te zetten. De apostelen waren de leerlingen van Jezus, zij werden door Hem onderricht, en wat zij van Hem gezien en gehoord hebben, dat hebben ze op hun beurt doorgegeven aan hun opvolgers de bisschoppen.

Zo ontstaat er ‘traditie’, van het het Latijnse werkwoord tradere dat ‘doorgeven’ of ‘overhandigen’ betekent.

Doorheen de geschiedenis van de Kerk, van generatie op generatie, werd zo de schriftelijke en mondelinge leer van de apostelen (die zij zelf van Jezus hadden ontvangen) ontvangen en weer doorgegeven. Die traditie noemen we de apostolische traditie.

We noemen de Kerk dan ook apostolisch naarmate zij kan aantonen dat er een onderbroken continuïteit bestaat tussen het geloof dat zij verkondigt en de traditie die er aan voorafgaat.

Ook dit is een soort garantiebewijs: in zover haar prediking en leer stevig gefundeerd is op het geloof van de apostelen, de getuigen van Christus, verkondigt zij het ware geloof.

evangelist_matteus_LR (01)