Norbertijnen, benedictijnen en trappisten leven allemaal in een abdij. Maar wat is het verschil?

Een eerste verschil zie je al meteen met het blote oog: benedictijnen dragen een zwart habijt (kloosterkleed), de norbertijnen een wit en de trappisten een wit met zwart.

Maar natuurlijk hebben deze verschillende levenswijzen meer om het lijf!

Je zou de abdijen in twee grote families kunnen opdelen. In ene familie (waartoe de benedictijnen en de trappisten behoren) volgt men de regel van de H. Benedictus (480-547). Dat is de familie van de monniken. In de andere familie leeft men naar de regel van de H. Augustinus (354-430). Dat is de familie van de reguliere kanunniken.

Beide tradities legen andere accenten in het abdijleven. Monniken hebben doorgaans een meer gesloten leefwijze, kennen bijna geen activiteiten buitenshuis, hechten veel belang aan handenarbeid en hebben meer gemeenschappelijke gebedsmomenten. Kanunniken hebben een meer open abdijleven, willen op velerlei wijze een pastoraal dienst verlenen aan de Kerk, laten groepen en individuen in een grotere mate delen in het liturgische gebedsleven van de abdijgemeenschap. Zo komen er bij ons heel wat mensen en groepen over de vloer die onze abdij opzoeken als was het een spirituele oase, om er rust of stilte te vinden of om zich geestelijk te komen ‘bijtanken’.